ga weg, Satan!... grootheid is niet eer, maar opoffering!
346.6
Maria Valtorta:
''Een koor van verontwaardigde kreten stijgt op door de warme, geurige lentelucht.
Petrus, met een ontstelde uitdrukking, en zelf ook geschandaliseerd,
pakt Jezus bij de arm en trekt Hem even apart,
terwijl hij zachtjes in Zijn oor fluistert:
"O, Heer!
Zeg dat niet. Dat klopt niet.
Zie je dat? Ze zijn geschandaliseerd!
Je voldoet niet aan hun verwachtingen.
Voor niks ter wereld mag Jij toestaan dat dit gebeurt.
Maar zoiets zal Jou nooit overkomen, dus waarom doen alsof dit waar is?
Jij moet altijd hoger in aanzien staan bij de mensen, als Je Jezelf wilt bewijzen,
en misschien moet Je wel eindigen met een laatste wonder, zoals het verbranden van Je vijanden tot as.
Maar nooit Jezelf vernederen, door Jezelf gelijk te stellen aan een gestrafte misdadiger!"
En Petrus lijkt op een leraar, of een bedroefde vader,
die liefdevol een zoon berispt die dwaas heeft gesproken.
Jezus, die zich lichtjes had voorovergebogen om Petrus' gefluister te horen,
staat nu streng op, met woede in Zijn ogen, en roept luid, zodat iedereen het kan horen
en de les geleerd kan worden:
"Ga weg van Mij, jij die nu een satan bent!
En Mij aanspoort om Mijn Vader niet te gehoorzamen!
Daarvoor ben Ik gekomen! Niet voor eer!
Jij probeert Mij te verleiden tot hoogmoed,
tot ongehoorzaamheid en onbarmhartige strengheid.
Ga weg!
Je bent een schande voor Mij!
Begrijp je dan niet dat grootheid niet in eer schuilt, maar in opoffering,
en dat het niets voorstelt om er voor de mensen als een worm uit te zien
als God ons als engelen beschouwt?
Jij, dwaze man, begrijpt de grootheid van God
en de reden van Gods handelen niet,
en jij ziet, oordeelt, hoort en spreekt
met menselijke ogen."
De arme Petrus is gebroken onder de strenge berisping.
Hij stapt beschaamd opzij en huilt...
En het is niet het vreugdevolle gehuil van een paar dagen eerder.
Maar het wanhopige gehuil van iemand die beseft dat hij gezondigd heeft
en dat hij degene die hij liefheeft, verdriet heeft gedaan.
En Jezus laat hem huilen.
Hij trekt Zijn schoenen uit, tilt Zijn gewaad op en waadt door de beek.
De anderen volgen Hem zwijgend.
Niemand durft een woord te zeggen.
Aan het einde van de rij staat de arme Petrus,
die vergeefs getroost wordt, door Isaak en de Zeloot.'
Reacties
Een reactie posten