transfiguratie op berg Tabor 4


(Ivanka Demchuk)

349.7

Maria Valtorta:

'Het licht neemt nog toe

door twee vlammen die uit de hemel neerdalen

en zich aan weerszijden van Jezus vestigen.


Wanneer ze op het plateau neergedaald zijn, opent hun sluier zich,

en verschijnen twee majestueuze en lichtgevende figuren.


De ene is ouder, met een scherpe, strenge blik

en een lange, gespleten baard.

Uit zijn voorhoofd stralen hoorns van licht,

die erop wijzen dat hij Mozes is.


De andere is jonger, mager, met een baard en behaard,

min of meer zoals Johannes de Doper, op wie hij volgens mij lijkt

qua lengte, magerte, bouw en gestrengheid.


Terwijl het licht van Mozes helder is, zoals dat van Jezus,

vooral in de stralen van zijn voorhoofd,

is het licht dat van Elia uitgaat zonneachtig,

dat van een levende vlam.


De twee profeten nemen een eerbiedige houding aan voor hun vleesgeworden God,

en hoewel Hij hen op een vertrouwde manier toespreekt,

verlaten zij hun eerbiedige houding niet.

Ik begrijp geen woord van wat er gezegd wordt.



-Mozes met Wet op Sinaï (Jean-Léon Gérôme)-


-Hemelvaart Elia (in vuurwagen)-

De drie apostelen vallen bevend op hun knieën,

met hun gezicht in hun handen.


Ze zouden graag willen kijken,

maar ze zijn bang.


Eindelijk spreekt Petrus:

"Meester, Meester. Luister naar mij!"


Jezus wendt zich met een glimlach tot Petrus, die bemoedigd is en zegt: 

"Het is goed om hier bij U, Mozes en Elia te zijn.

Als Je wil, kunnen we drie tenten maken,

voor Jou, voor Mozes en voor Elia,

en wij zullen hier blijven

om Jou te dienen..."


Jezus kijkt hem opnieuw aan,

en glimlacht nog stralender.


Hij kijkt ook naar Johannes en Jakobus.

Een blik die hen met liefde omarmt.


Mozes en Elia kijken ook aandachtig naar de drie.

Hun ogen flitsen. Ze moeten als stralen zijn,

die harten doorboren.


De apostelen durven niets meer te zeggen.

Uit angst blijven ze zwijgen.


Ze lijken een beetje bedwelmd,

zoals mensen die verbijsterd zijn.






(13 okt. 1917)

Maar wanneer een sluier,

die geen mist is, die geen wolk is, die geen lichtstraal is,

de glorieuze Drie omhult en scheidt, achter een scherm,

nog helderder dan het scherm dat hen al omringde,

en hen aan het gezicht van de drie onttrekt...


en een krachtige en harmonieuze Stem vibreert

en met zichzelf de ruimte vult...


dan vallen de drie

met hun gezicht op het gras.


"Dit is mijn geliefde Zoon,

in wie Ik mijn welbehagen heb.

Luisteren jullie naar Hem!"


Petrus, die zich op zijn gezicht werpt, roept uit:

"Heb medelijden met mij, zondaar! 

Het is Gods Glorie die neerdaalt!"


Jakobus zegt geen woord.

Johannes mompelt met een zucht,

alsof hij flauwvalt: "De Héér spreekt!"'


5 aug.1944

Reacties

Populaire posts van deze blog

Maria wil graag Elise terugzien, haar maatje in de tempel

Martha vertelt hoe haar zus heen en weer wordt geslingerd

Maria Magdalena, serafijn nu, mag zalven en aanraken