Engedi-overste moet melaatse zoon vertrouwen geven
391.5
Maria Valtorta:
'Een smalle grotopening,
bijna verborgen door vruchtbare struiken, die vlakbij een bron groeien,
verschijnt achter een smal plateau, in het midden gespleten door een kloof
waar de bron in stroomt.
"Eliseo is daar al jaren...
wachtend op de dood, of op genade van God..."
zegt de oude man zachtjes, wijzend naar de grot.
"Roep uw kind. Troost hem. Laat hem niet bang zijn,
maar vertrouwen hebben."
En Abraham roept luid:
"Eliseo! Eliseo! Mijn zoon!"
en hij herhaalt de kreet, bevend van angst
voor de stilte die hem als enige antwoord geeft.
"Is hij misschien dood?" zeggen sommigen.
"Nee! Dood, nu, nee! Aan het eind van de kwelling!
Zonder een greintje vreugde, nee! O! Mijn zoon!"
kreunt de vader...
"Huil niet. Roep nog eens!"
"Eliseo! Eliseo! Waarom antwoord je niet op de..."
"Vader! Mijn vader!
Hoe komt het dat je, zo ongewoon, nu hier bent?
Misschien is mijn moeder dood, en kom je daarom naar mij?..."
De stem, eerst ver weg, is dichterbij gekomen,
en een spook beweegt de takken die de drempel verbergen,
een afschuwelijk spook, een skelet, halfnaakt, verroest...
die, zodra hij zoveel mensen ziet met fakkels en stokken,
weet wat hij moet geloven en zich terugtrekt, roepend:
"Vader, waarom heb je me verraden?
Ik ben hier nooit weggegaan...
Waarom breng je mij die stenigers?!"
De stem verdwijnt,
terwijl alleen enige herinnering aan de verschijning achterblijft,
in de wuivende takken.
"Troost hem!
Vertel hem dat de Verlosser hier is!"
spoort Jezus aan.
Maar de oude man heeft geen kracht meer...
Hij huilt in wanhoop...'
Reacties
Een reactie posten