Jezus zal heidenen die aankloppen te woord staan
406.7
Maria Valtorta:
'"Welgekomen, Meester!
Alles is klaar. Wij wachtten alleen nog op Jou!" zegt Petrus.
"Ja. Ik heb met Judas over van alles gesproken... toch, Judas?
We moeten ook voor die arme oude man zorgen, wiens zoon is gedood."
"Ah!..."
Judas grijpt de gelegenheid aan om zich te herpakken,
en, indien nodig, de argwaan van de anderen weg te nemen.
"Ah!... Weet Je, Meester? Vandaag werden we tegengehouden door een groep heidenen,
gemengd met Joden uit de Romeinse koloniën in Griekenland.
Ze wilden van alles weten!
We hebben zo goed mogelijk geantwoord.
Maar hebben ze zeker niet overtuigd.
Maar het waren goede mannen, en ze gaven ons veel geld.
Hier is het, Meester! We kunnen er veel goeds mee doen!"
En Judas zet een grote, zachte leren beurs neer
die, als je erop tikt, een zilverachtig geluid maakt.
Ze is zo groot als een kinderhoofd.
"Goed, Judas. Jij zult het geld eerlijk verdelen.
Wat wilden die heidenen weten?"
"Dingen over het hiernamaals...
of de mens een ziel heeft en onsterfelijk is.
Ze noemden de namen van hun leraren.
Maar wij... wat konden wij zeggen?"
"Je had ze moeten zeggen dat ze moesten komen."
"Dat hebben we gezegd. Misschien komen ze wel!"
De maaltijd begint.
Jezus heeft Judas dichtbij,
en geeft hem het brood gedoopt in de jus,
die op het bord met gebraden vlees ligt.
-
Ze eten kleine zwarte olijven, als er op de deur wordt geklopt.
En kort daarna, komt de vrouw des huizes binnen en zegt:
"Meester, ze willen U spreken."
"Wie zijn zij?"
"Vreemdelingen."
"Maar dat is onmogelijk!"
"De Meester is moe!"
"Hij heeft de hele dag gelopen en gepraat!"
"En bovendien! Heidenen in huis! O jee!"
De twaalf zijn in rep en roer, als een verstoorde bijenkorf.
"Sst! Stilte! Het is niet vermoeiend voor Me
om te luisteren naar degenen die me zoeken.
Dat is Mijn rust!"
"Het zou een valstrik kunnen zijn! Op dit uur!..."
"Nee. Dat is het niet. Wees stil en rust uit.
Ik heb al gerust, terwijl Ik op jullie wachtte. Ik ga!
Ik vraag jullie niet om met Me mee te komen... hoewel...
hoewel Ik jullie zeg dat jullie net onder de heidenen je Jodendom moeten brengen,
wat niets anders dan het christendom zal zijn...
Wacht hier op Mij."
"Ga Jij alleen? O! Nooit!"
zegt Petrus en staat op.
"Blijf waar je bent.
Ik ga alleen!"'
Reacties
Een reactie posten