Posts

Er worden posts getoond met het label sanhedrin

zoon van Annas weggekomen met verkrachting

Afbeelding
-Annas en Kajafas (James Tissot)- -Ayatollah Khamenei- 376.9 M. Valtorta: "Meester, gisterenochtend [ 373.5 ] zei U tegen Eleazar van Annas dat hij zich om geen enkele reden mocht verontreinigen... Waarom zei U dat?" vraagt ​​Filippus. "Omdat het gezegd moest worden. Hij bezoedelt zichzelf. Maar niet Ik, de heilige boeken zeggen dat." "Dat klopt. Maar hoe weet U dat hij zichzelf ontwijdt? Heeft het meisje misschien nog met U gesproken vóór haar dood?" vraagt ​​Eleazar. "Welk meisje?" "Het meisje dat stierf na de verkrachting, en haar moeder met haar, en het is niet bekend of het de pijn was die hen doodde, of dat ze zelfmoord pleegden, of met gif wérden gedood zodat ze nooit meer zouden spreken..." "Ik weet hier niets van! Ik zag de verdorven ziel van Annas' zoon. Ik rook de stank ervan. En Ik sprak. Ik wist en zag verder niets." "Maar wat is er dan gebeurd?" vraagt ​​Lazarus geïnteresseerd. "Het was zo dat...

Sanhedrin-vrienden willen ernstige zaak bespreken

Afbeelding
-Sanhedrin-proces (Italiaanse School)- 376.8 Maria Valtorta: '"Waarom zijn jullie vandaag allemaal bijeen, terwijl de sabbat net is afgelopen?" "Er was een speciale vergadering." "Vandaag?! Wat voor reden kan er zo dringend zijn?..." De aanwezigen kijken Jezus veelbetekenend aan. Maar Hij is in gedachten verzonken... "Er zijn vele redenen..." antwoorden ze dan. "En die hebben niets met de Rabbi te maken?" "Jawel, Lazarus. Ook met Hem. Maar er werd ook een ernstige zaak behandeld,  terwijl de feesten doorgingen in de stad..." legt Jozef van Arimathea uit. "Een ernstige zaak? Welke?" "Een... een fout van... de jeugd... Hm! Ja! Een vervelende discussie, want... Rabbi, luister naar ons! U bent onder eerlijke mensen. Ook al zijn wij niet Uw discipelen, wij zijn ook niet Uw vijanden. In het huis van Ismaël zei U tegen mij dat ik niet ver van de rechtvaardigheid verwijderd ben..." zegt Eleazar. "Dat klop...

vrienden uit Sanhedrin komen Lazarus bezoeken

Afbeelding
- Sanhedrin (Temple Institute) - 376.7 M. Valtorta: 'De dienaar komt terug: "Meester, Nicodemus, Jozef, Eleazar en andere Farizeeën en leiders van het Sanhedrin zijn hier. Ze willen U begroeten." Lazarus kijkt Jezus vragend aan. Jezus begrijpt het: "Laat ze maar komen! Ik zal hen graag begroeten." Na een tijdje komen Jozef, Nicodemus, Eleazar (de rechtvaardige van Ismaëls feestmaal), Johannes (die van het verre feestmaal van de man uit Arimathea), nog iemand die ik Jozua hoor heten, ene Filippus, ene Judas en als laatste Joachim binnen. De begroetingen houden maar niet op. Gelukkig is de zaal groot; hoe zouden ze anders zovele buigingen, zwaaiende armen en gewaden kunnen bevatten? Maar hoe groot de zaal ook is, het wordt er zo druk dat de discipelen zich erdoorheen wurmend uit de voeten maken. Alleen Lazarus en Jezus blijven achter. Misschien kunnen ze het zelf niet geloven, dat ze niet onder vuur liggen van al die ogen van het Sanhedrin! "We wisten dat ji...

Jezus wil absoluut in oude vrijstad Kedesh spreken

Afbeelding
-Tel-Kedesh vandaag (ten noorden van Giscala )- 342.2 Maria Valtorta: 'Alles gaat goed tot ze een prachtig plein betreden, dat van de fontein en de synagoge, waar mensen dicht op elkaar staan ​​en zaken doen. De markt ligt echter lager en ten zuidwesten van de stad, waar de hoofdweg die vanuit het zuiden komt en de andere, de weg die door Jezus is afgelegd, die vanuit het westen komt, samenkomen. Deze straten, die haaks op elkaar staan, komen samen in één weg die onder de poort doorloopt tot hij een groot, rechthoekig plein wordt waar ezels en tapijten, verkopers, kopers en de gebruikelijke drukte zijn... Maar zodra ze dit prachtige plein bereiken... — het hart van de stad, geloof ik, niet zozeer omdat het even ver van de stadsmuren verwijderd is, maar omdat het spirituele en commerciële leven van Kedesh hier bruist, en de dominante ligging, ver boven het grootste deel van de stad, geschikt voor verdediging als een citadel, lijkt dit ook aan te geven— ...begint de ellende. Als een ...

pompeus banket, Jezus tussen Ismaël en Eleazar in

Afbeelding
335.8 M. Valtorta: 'Ismaël keert terug met vijf andere pompeuze farizeeën. "Kom het huis binnen!" zegt de heer. En de rijk ingerichte hal met zetels en tapijten verlatend, gaan ze een kamer binnen waar amforen en waskommen worden gebracht. Vervolgens gaan ze naar de rijk ingerichte eetkamer. -Banket van kardinalen (Jan Schaan)- "Jezus aan mijn zijde! Tussen mij en Eleazar in!" beveelt de heer. En Jezus, die achter in de kamer had gestaan, vlakbij de enigszins angstige en over het hoofd geziene discipelen, moet op de ereplaats gaan zitten. Het feestmaal begint met talrijke gangen gebraden vlees en vis. Wijn en, denk ik, siropen, of in elk geval water met honing, worden rondgedeeld.' 11 sept.1944

Bartholomeüs ziet in dat lijden hem louterde

Afbeelding
-Complotterende farizeeën (James Tissot)- 332.4 Maria Valtorta: '"Meester, Simon van Jona en Simon Zeloot, die ik bestookte met vragen om veel te weten te komen en veel al bekende dingen te herbevestigen, zeiden mij slechts: 'De Meester heeft veel geleden, zo veel zelfs dat Hij mager en oud is geworden. En heel Israël, wijzelf voorop, zijn hiervoor verantwoordelijk. Hij heeft ons lief en vergeeft ons. Maar Hij wil niet over het verleden spreken. Daarom raden wij jou aan niks te vragen en niks te zeggen...' Maar ik wil het zeggen. Ik zal niks vragen, maar ik moet het zeggen. Zodat Jij het weet. Want niets van wat er in de ziel van Jouw apostel leeft, mag voor Jou verborgen blijven! Op een dag – Simon en de anderen waren een paar dagen weg – kwam Michaël van Kana naar mij toe. Een familielid, een goede vriend, en medeleerling sinds mijn kindertijd... Hij kwam, daar ben ik zeker van, te goeder trouw. Uit genegenheid voor mij. Maar wie het ook was die hem gestuurd heeft, ...

leerlingen: Jezus kent vrouw noch zonde !

Afbeelding
-Noli Me tangere (A. Ivanov)- 123.7 Maria Valtorta: '"Kort gezegd: wat willen jullie?" vraagt ​​Jakobus van Alfeüs droogjes. "En wie ben jij?" "Ik ben Jakobus, de zoon van Alfeüs, en Alfeüs, de zoon van Jakob, en Jakob, de zoon van Mathan, en Mathan, de zoon van Eleazar. En als u wilt, zal ik u mijn hele afstamming geven, terug tot koning David, van wie ik afstam! En ik ben de neef van de Messias. Ik verzoek u daarom om met mij te praten, die van koninklijke afkomst ben en van de stam van Juda, als het uw hoogmoed afkeer inboezemt om praten met een eerlijke Israëliet, die God beter kent dan Gamaliël en Kajafas. Vooruit. Spreek!" "Uw Meester, en familielid, wordt gevolgd door prostituees! Die gesluierde is er één van. Ik zag haar gezien toen ze goud verkocht, en ik herkende haar: zij is de minnares die is weggevlucht uit het huis van Sjammai . Een schande voor hem." "Van wie? Van de rabbijn Sjammai ? Dan moet ze wel een oud karkas zijn! ...

vijf Sanhedrin-leden in de aanval

Afbeelding
-Samenzwering tegen Jezus (J. Tissot)- 123.6 Maria Valtorta: 'Een groepje mannen zit in een hoekje te kletsen; verdeeld over verschillende meningen, maken ze heftige gebaren en raken verhit. Sommigen betichten Jezus, anderen verdedigen Hem, weer anderen sporen deze en gene aan tot een rijper oordeel. Tenslotte kiezen de meest vurige, misschien omdat die met weinigen zijn vergeleken met de andere twee groepen, voor een middenweg. Ze lopen naar Petrus, die samen met Simon de nu nutteloze brancards wegdraagt van drie mensen die wonderbaarlijk zijn genezen. En ze vallen hem met geweld aan in de grote ruimte die is omgebouwd tot gastenverblijf voor pelgrims. Ze zeggen: 'Man uit Galilea, luister!' Petrus draait zich om en kijkt ze aan alsof het zeldzame diersoorten zijn. Hij spreekt niet, maar zijn gezicht spreekt boekdelen. Simon werpt alleen maar een blik op de vijf onverlaten en gaat dan weg, iedereen in de steek latend. Een van de vijf herneemt: "Ik ben Samuël, de schrij...

Lazarus ingelicht over Jezus' terugtrekking

Afbeelding
117.2 Maria Valtorta: 'De eerste die uit het huis van Lazarus komt, is een vrouw, die zich tot de grond buigt en zegt: "Een fijne dag voor het huis van mijn meesteres. Kom, Meester, hier is Maximinus en daar, bij de poort, is Lazarus al!" Haastig komt Maximinus naderbij. Ik weet niet precies wie deze man is. Ik heb de indruk dat hij of een minder rijke verwant is, die door de kinderen van Theophilus   [Lazarus' vader] werd gehuisvest, of een rentmeester van hun grote bezittingen, echter behandeld als een vriend op grond van zijn verdiensten en zijn jarenlange dienst in de familie. Misschien is hij ook de zoon van een rentmeester van Theophilus, die dan diens positie heeft gekregen bij zijn kinderen... Hij is iets ouder dan Lazarus, d.w.z. dat hij ongeveer vijfendertig zal zijn, iets ouder. "Wij hadden niet verwacht dat U er zo snel zou zijn," zegt hij. "Ik vraag onderdak voor één nacht." "Mocht het voor altijd zijn, U zou ons gelukkig maken....