kille grot, intens gebed

XXIX

GEBOORTE VAN JEZUS

-VERLOSSENDE WERKZAAMHEID

VAN MARIA'S GODDELIJKE MOEDERSCHAP-


-nachtwake in grot van Lourdes-


29.1

Maria Valtorta:

'Ik kan nog steeds de binnenkant zien

van dit arme, stenen toevluchtsoord waar Maria en Jozef onderdak vonden

en het lot deelden van de dieren.


Het kleine vuur sluimert samen met z'n bewaker.

Maria tilt langzaam haar hoofd op van haar bed en kijkt rond.

Ze ziet dat Jozef zijn hoofd op zijn borst heeft gebogen alsof hij nadenkt,

en denkt dat zijn vermoeidheid z'n goede wil om wakker te blijven overweldigt.


Ze glimlacht breed en gaat,

minder geluid makend dan een vlinder op 'n roos, zitten

en vanuit zittende positie knielen, en ze bidt,

met een zalige glimlach op haar gezicht.


Ze bidt met open armen,

niet helemaal als een kruis, maar bijna,

met haar handpalmen naar boven en naar voren gericht,

en ze lijkt die pijnlijke houding nooit moe te worden.


Dan werpt ze zich, met haar gezicht tot tegen het hooi, neer

in een nog intenser gebed.

Een lang gebed.


-Abrahams prosternatie voor 3 engelen (J. Tissot)-


-idem (Gustave Doré)-

Jozef rilt.

Hij ziet het vuur bijna gedoofd en de stal bijna donker.

Gooit er een handvol fijne heide in, en de vlam fonkelt weer.

Hij voegt grotere twijgen samen, en dan nog grotere, want de kou moet bijtend zijn.

De kou van de heldere winternacht die alle delen van die ruïne doordringt.


Arme Jozef, dichtbij de deur als hij zich bevindt...

- laten we dat gat waarvoor zijn mantel als gordijn dient ook zo noemen -

moet wel bevroren zijn.


Hij brengt zijn handen naar de vlam,

trekt zijn sandalen uit en brengt ook zijn voeten erbij. Dat warmt op.

Als het vuur goed is aangewakkerd, en het licht zeker is, draait hij zich om.

Hij ziet niets meer, zelfs niet de witheid van Maria's sluier,

die voorheen een heldere streep op het donkere hooi markeerde.


Hij staat op, en loopt langzaam naar het bed toe.

"Slaap je niet, Maria?" vraagt ​​hij.

Hij vraagt ​​het drie keer,

tot ze weer tot zichzelf komt en antwoordt:

"Ik bid."

"Heb je niets nodig?"

"Nee, Jozef."

"Probeer wat te slapen. Of in ieder geval wat te rusten."

"Ik zal het proberen. Maar bidden vermoeit mij niet."

"Tot later, Maria!"

"Tot later, Jozef!"


-Koning David ter aarde geworpen (B. West)-


Maria hervat haar houding.

Jozef, om niet opnieuw in slaap te vallen, knielt bij het vuur en bidt eveneens.

Hij bidt met zijn handen voor zijn gezicht gevouwen.

Hij verwijdert ze zo nu en dan, om het vuur aan te wakkeren,

en keert dan terug naar zijn vurige gebed.


Behalve het geluid van het knetterende hout,

en dat van het ezeltje, dat af en toe met z'n hoef op de grond stampt,

is er niets te horen.'


6 juni 1944

Reacties

Populaire posts van deze blog

Maria wil graag Elise terugzien, haar maatje in de tempel

Martha vertelt hoe haar zus heen en weer wordt geslingerd

Maria Magdalena, serafijn nu, mag zalven en aanraken