Posts

Er worden posts getoond met het label vasten

met wilde honing, na frisse duik, de woestijn door

Afbeelding
388.3 Maria Valtorta: 'De heuvels kleuren inderdaad minder onheilspellend groen, hoewel ze weinig schaduw bieden en bedekt zijn met kort gras.  Toch zijn ze geurig en bezaaid met bloemen als een kleurrijk tapijt.  Bijen smullen ervan en vliegen dan naar de grotten die verspreid liggen langs de berghellingen.  Daar, onder hangende gordijnen van klimop en kamperfoelie,  leggen ze hun honing in natuurlijke bijenkorven. Simon Zeloot gaat naar een grot  en komt eruit met honingraten vol gouden honing.  En gaat naar een andere, en nog een, totdat hij genoeg heeft voor iedereen.  Hij biedt de zoete, draderige honing aan de Meester en zijn vrienden aan, die er graag van eten. "Was er maar brood! Wat is dit lekker!" zegt Thomas. "O! Zelfs zonder brood is het lekker!  Beter dan de korenaren van de Filistijnen.  En... laten we hopen dat er geen Farizeeër komt, die ons vertelt dat we ze niet mogen eten!" zegt Jakobus van Zebedeüs. Ze gaan zo etend ver...

zorg voor Elia toevertrouwd aan Nike (Veronica) 4

Afbeelding
-Bezoek aan kluizenaar- 382.6 M. Valtorta: 'Het avondmaal moet hebben plaatsgevonden. Het is nacht.  Zware dauw valt, kletterend van de dakrand op de wijnbladeren.  Ongelooflijke sterren aan de hemel.  Een ontelbaar aantal sterren, verloren in je blik.  Het getjilp van krekels en nachtvogels,  en de stilte van het platteland. De apostelen zijn al gaan slapen. Maar Nike is opgestaan ​​en luistert naar de Meester.  Hij zit stijfjes op een stenen bank tegen het huis.  De vrouw staat voor Hem, in een houding van aandachtig respect. Jezus moet een al begonnen conversatie afmaken, zeggende: "Ja. Uw observatie klopt.  Maar Ik was er zeker van dat de boeteling, of liever de 'wedergeborene',  de hulp van de Heer niet zou ontberen. En terwijl we aten, en u vragen stelde terwijl u bediende, bedacht ik dat u die hulp was... U zei: 'Ik kan u alleen maar voor korte perioden volgen, omdat er op het huis en de nieuwe bedienden moet worden gepast.' En u had d...

Esseen die zich bekeert - voortaan 'Elia' - moet leven als kluizenaar bij Kerit, tot aarde beeft...

Afbeelding
OPGEKNAPT NA STOP IN KERIT, PREDIKING IN WOESTIJN DAAR VLAKBIJ (WAAR ESSENEN JEZUS UITDAGEN INZAKE PREDESTINATIE EN KOPPIG VOLHARDEN IN HUN GELOOF, OP ÉÉN NA) 381.10 Maria Valtorta 'De mensen vertrekken langzaam... De apostelen blijven bij Jezus en, pratend, gaan ze op weg. Ze zoeken schaduw door langs een klein bosje te lopen met verwilderde tamariskbomen. Maar daarin bevindt zich een Essener. De man die met Jezus gesproken had. Hij trekt zijn witte gewaad uit. Petrus, die voor iedereen uit loopt, is verbaasd de man in zijn ondergoed te zien, en rent terug en zegt: "Meester! Een dwaas! Die man die met U gesproken heeft, de Essener! Hij heeft zijn kleren uitgetrokken en huilt en zucht. We kunnen daar niet voorbij gaan." Maar de man, mager, met een baard, volledig naakt op zijn korte broek en sandalen na, komt al uit het struikgewas tevoorschijn,  en loopt huilend en op zijn borst slaand naar Jezus toe. Hij knielt neer: "En ik ben degene die een wonder in zijn hart ...

Jezus toont de geit die Hem haar melk liet drinken

Afbeelding
326.3 M. Valtorta: '"Nee [Ik heb hier nog niet gesproken...] . Ik ben nog geen dag geleden op deze hellingen aangekomen. Ik heb in het bos geslapen..." "Waarom wilden ze Jou niet?" "Hun harten verwierpen de Pelgrim... Ik had geen geld..." "Dan hebben ze een hart van steen! Waar waren ze bang voor?" "Dat ik een dief was... Maar dat maakt niet uit. De Vader die in de hemel is, liet Me een geit vinden, verdwaald of weggelopen. Kom, Ik zal haar je laten zien. Ze woont in het struikgewas met haar lam. Maar ze rende niet weg, toen ze Me zag aankomen. Sterker nog, ze liet Me haar melk drinken... alsof ik haar eigen kind was. En Ik sliep naast haar, met het lam bijna op Mijn hart. God is goed met Zijn Woord!" Ze lopen naar de plek van gisteren, door een dicht, doornig struikgewas. Een eeuwenoude eik, waarvan ik niet weet hoe hij het overleeft, zo gespleten aan de voet, alsof de grond er ooit gebarsten is en de machtige stam gespleten heeft,...

Jezus heeft Antiochië-missie met boete ondersteund

Afbeelding
325.5 Maria Valtorta: '"Hebben jullie eten bij je?" "Ja. Ik voélde dat Jij uitgeput was, en ik heb onderweg wat meegenomen. Ik heb brood en gebraden vlees, ik heb melk en kaas en appels, plus een fles goede wijn en eieren voor Je! Als ze maar niet gebroken zijn..." "Nou, laten we dan hier gaan zitten, in deze heerlijke zon, en eten. Terwijl we eten, vertel Me..." Ze zitten in de zon op een richel, en Petrus opent zijn tas, kijkend naar zijn schatten: "Alles veilig!" roept hij uit. "Zelfs de honing van Antigonea. Wat! Ik zei het toch! Zelfs als we op de terugweg in een ton waren gestopt en door een gek waren rondgerold, of in een boot zonder roeispanen, misschien wel vol gaten, midden in een storm, dan zouden we toch veilig en wel zijn aangekomen... Maar onderweg! Ik ben er steeds meer van overtuigd dat het de duivel was die ons tegenhield. Nog meer dan voorheen!... Om ons ervan te weerhouden met die arme zielen mee te gaan..." ...

liefde van apostelen doet Jezus heropleven

Afbeelding
325.4 M. Valtorta: '"Meester, mijn Meester, wat scheelt er met Je? Vertel het Jouw Simon!" "Niets, vriend." "Niets? Met zulk gezicht? Hebben ze Jou dan pijn gedaan?" "Maar nee, Simon." "Dat kan niet! Of Je was ziek, of Je werd vervolgd! Ik heb ogen!..." "Ik ook. En Ik zie jou, mager en oud zelfs. Waarom zie jij er dan zo uit?..." Vraagt ​​de Heer glimlachend aan Zijn Petrus, die Hem aandachtig bestudeert, alsof hij de waarheid probeert te af te lezen uit Jezus' haar, en huid en baard. "Maar ik heb geleden, dat heb ik! En dat ontken ik niet. Dacht Je dat het prettig was, zoveel pijn te zien?" "Je zegt het! Ik heb ook geleden, om dezelfde reden..." "Alleen daarom, Jezus?" vraagt ​​Judas van Alfeüs, vol medeleven en genegenheid. "Omwille van de pijn, ja, neef van Me. Omwille van de pijn veroorzaakt door de noodzaak om hen weg te sturen..." "En de pijn van te zijn gedwongen door...

Aglaë zal nu, met haar wil, het vlees volledig doden

Afbeelding
- Maria van Egypte ontvangt eucharistie van H. Zosimas - 200.4 Maria Valtorta: '"Maar nu... Wat moet ik nu doen, vertel me, mijn Redder... wat moet ik doen om het eeuwige leven te verkrijgen? Een man wordt al verdorven door alleen nog maar naar mij te kijken... Ik kan niet leven met de constante angst om ontdekt en verleid te worden... Op deze reis beefde ik bij elke mannelijke blik... Ik wil niet langer zondigen, of anderen tot zonde aanzetten. Geef me het pad om te volgen. Wat het ook mag zijn, ik zal het volgen. U ziet dat ik sterk ben, ook in moeilijke tijden... En zelfs als ik door te veel ontbering de dood tegenkom, ben ik niet bang. Ik zal hem 'mijn vriend' noemen, omdat hij mok voor altijd zal bevrijden van de gevaren van de aarde. Spreek, mijn Redder!" "Ga naar een verlaten plaats." "Waarheen, Heer?" "Waarheen je wil. Waarheen jouw geest je brengen zal." "Zal mijn pas gevormde geest tot zoveel in staat zijn?" "...

Johannes: heiligheid van Doper te danken aan Genade

Afbeelding
-Johannes (zoals gezien door MV)- 166.8 Maria Valtorta: 'Johannes, die met gebogen hoofd en in zichzelf glimlachend heeft zitten luisteren, tilt een stralend gezicht op en neemt het woord. "Broeders! Duizeligheid is het, te denken aan opstijgen. Dat is waar. Maar wie zegt jullie dat het nodig is om de hoge hoogte direct aan te vatten? Dit is niet iets wat kinderen kunnen, noch zelfs volwassenen. Alleen engelen kunnen zich in het blauw storten, omdat zij vrij zijn van elke last van materie. En onder mensen kunnen dat alleen de helden van de heiligheid. Wij hébben een levende mens die nog steeds, in deze verdorven wereld, een held van heiligheid weet zijn, zoals de Ouden waarmee Israël zich sierde, toen de Aartsvaders vrienden van God waren en het Woord van de Eeuwige Wet het enige was, gehoorzaamd door elk rechtschapen schepsel. Johannes, de Voorloper... leert hoe je de hoogte onmiddellijk bestijgt. Hij is een mens, Johannes. Maar de Genade die het Vuur van God hem schonk, hem...

inwijding van de twaalf 4

Afbeelding
164.4 Maria Valtorta: 'Tenslotte stopt Jezus en Hij zegt: "En hier zullen we een week in gebed blijven. Om jullie voor te bereiden op iets groots. Daarom wilde Ik Me zo afzonderen, op een verlaten plek, ver van elke karavaanroute, van ieder dorp. Hier zijn grotten die vroeger al voor mensen hebben gediend. Ze zullen ook ons ​​dienen. Hier is fris en overvloedig water, terwijl de grond droog is. We hebben brood en voldoende voedsel mee. Zij die vorig jaar met Mij in de woestijn waren, weten hoe Ik er heb geleefd. Dit is een paleis vergeleken met die plek, en het seizoen, dat nu mild is, neemt de hardheid weg van de vorst en van de zon, tijdens ons verblijf. Wees daarom alsjeblief vol goede moed. Misschien zullen we nooit opnieuw allemaal samen zijn, en helemaal alleen. Deze stop moet jullie verenigen, jullie niet langer twaalf mannen makend, maar één enkele instelling. Zeggen jullie niets? Vraag je Mij niets? Leg op die rots daar de tassen die jullie dragen, ​​en werp de ande...