Posts

Er worden posts getoond die overeenkomen met de zoekopdracht naar Isaak

tiende herder, Isaak, wordt leerling

Afbeelding
76.5-6 Maria Valtorta: "Hier is Jezus!", zegt Elia, naar Hem wijzend. "De lange, knappe, blonde, in het wit gekleed, met de rode mantel!..." Isaak rent, snijdt door de grazende kudde en met een kreet van triomf, van vreugde, van aanbidding, knielt hij neer aan de voeten van Jezus. "Sta op, Isaak! Ik ben gekomen. Om jou vrede en zegen te brengen. Sta op, zodat Ik je gezicht mag kennen." Maar Isaak kan niet opstaan. Te veel emoties bij elkaar, en hij staat, met zijn blije huilbuien, tegen de grond. "Je kwam meteen. Heb je jezelf niet afgevraagd of je kon..." "Je zei dat ik moest komen... en ik kwam!" "Hij deed niet eens de deur dicht, en haalde de offers niet op, Meester." "Maakt niet uit. Engelen zullen over zijn huis waken. Ben je gelukkig, Isaak?" "Oh! Heer!" "Noem mij 'Meester'." "Ja, Heer, mijn Meester. Zelfs als ik niet hersteld zou zijn, zou ik blij zijn geweest om Je te zien. Ho...

kreupele Isaak op afstand genezen

Afbeelding
-krukken van genezen kreupelen (Lourdes)- 76.3-4 Maria Valtorta: '"Maar hier zijn we bij de doorwaadbare plaats, denk Ik. Ik zie een rij stenen tevoorschijn komen uit het beetje water op de bodem." "Ja, dit is 't, Meester. In tijden van overstroming is het een daverende waterval, nu zijn het niets anders dan zeven beekjes die lachen tussen de zes grote stenen van de wadi." Inderdaad liggen op de bodem van de stroom zes grote rotsblokken, tamelijk vierkant, op een afstand van een goede handbreedte van elkaar, en het water, eerst verenigd in een enkel schitterend lint, spits er zich in zeven kleinere linten, versnellend en lachend, om na de doorwaadbare plaats weer samen te komen in een enkele frisheid, die kabbelend wegvloeit tussen het grind van de bodem. De herders houden de doorgang van de schapen in de gaten, waarvan sommige over de stenen en andere liever het water in gaan, niet meer dan een handbreedte hoog, en wat drinken van deze diamanten golf die sc...

ijlende Aurea per muilezelkar naar Maria gebracht

Afbeelding
427.8 Maria Valtorta: 'Ze lopen, ze lopen...  Bijna op de vlakte, zien ze een groep discipelen.  Daar zijn Isaak en Johannes van Efeze met zijn moeder,  en Abel van Bethlehem met zijn moeder, en anderen van wie ik de namen niet ken.  En voor de vrouwen wordt er een eenvoudige kar getrokken door een sterke muilezel.  En daar zijn Daniël en Benjamin, de herders, Jozef de veerman, en anderen! "Dat is de Voorzienigheid die ons helpt!" roept Jezus uit, en Hij beveelt hen te stoppen, terwijl Hij naar de discipelen gaat,  vooral naar de twee vrouwelijke. Hij neemt hen apart, samen met Isaak, en vertelt hun een deel van Aurea's verhaal:  "Wij hebben haar gered van een onreine meester...  Ik zou haar graag naar Nazareth brengen om haar te laten genezen,  want ze is ziek van angst en uitputting.  Maar ik heb geen vervoermiddel.  Waar waren jullie naartoe op weg?" "Naar Bethlehem in Galilea, naar Mirta 's huis.  Het is onmogelijk weersta...

Isaak wil graag naar Syrofenicië - waar op purperslak wordt gevist

Afbeelding
CCL TOT DE DISCIPELEN DIE MET ISAAK MEEKWAMEN -GELIJKENIS VAN DE MODDER DIE VLAM VAT- --HET OFFER VAN JOHANNES VAN ENDOR-- 250.1 M. Valtorta: Het is precies aan de oevers van de diepe stroom, dat Jezus Isaak vindt met vele bekende en onbekende discipelen. Onder de bekenden zijn: Timoneus , overste van de synagoge van Aqua Speciosa; Jozef , de man die in Emmaüs van incest werd beschuldigd; de jongeman die de uitvaart van zijn vader verliet om Jezus te volgen; Stefanus ; Abel, de melaatse , die een jaar eerder bij Korazim werd genezen, met zijn vriend Samuel ; de veerman van Jericho, Salomon ; en nog vele anderen, die ik herken, maar van wie ik de namen absoluut niet meer weet, noch waar ik ze eerder heb gezien. Bekende gezichten, en nu zijn het er veel, allen bekend als discipelen. En daarnaast de anderen, veroveringen van Isaak of van de eerdergenoemde discipelen zelf, die de hoofdgroep volgen in de hoop Jezus te vinden. De ontmoeting is hartelijk, vreugdevol en eerbiedig. Isaak st...

besnijdenis van Sara's zoon 1

Afbeelding
- Juttah vandaag (Yattah) - 76.8 Maria Valtorta: 'Ze volgen de stroom en verlaten deze, verder naar het zuiden, om een ​​pad te nemen dat nogal steil omhoog gaat, langs een uitloper van de berg die lijkt op de voorsteven van een schip. Nu stroomt het water in de tegenovergestelde richting van degenen die klimmen, en stroomt op de bodem tussen twee bergketensin, die elkaar kruisen en een ruige en prachtige vallei vormen. Ik herken de plek. Het is onmiskenbaar. Het is dat van het visioen van Jezus en de kinderen , dat ik zag afgelopen voorjaar. De gebruikelijke droge stenen muur begrenst het terrein dat afloopt in de vallei. Hier zijn de weilanden met appelbomen, vijgenbomen en walnotenbomen, hier staat het huis, wit op groen, met zijn uitstekende vleugel die de trap beschermt en een veranda en loggia vormt, hier is het koepeltje op het hoogste gedeelte, hier is de moestuin met de waterput, pergola en bloembedden... Er komt een geweldig geluid uit het huis. Isaak gaat vooruit. Gaat n...

herdertjes van Galilea herkennen Maria - dankzij verhalen van Isaak

Afbeelding
-herdersjongeren in Ethiopië- 248.2 Maria Valtorta: 'Maria glimlacht op een manier die de een de ander een duwtje doet geven en doet fluisteren: "Zij alleen kan het zijn!" En hij stapt vol vertrouwen naar voren en zegt: "Wees gegroet, Maria, vol van genade. Is de Heer bij u?" Maria antwoordt met een nog zoetere glimlach: "Daar us Hij, de Heer!" En ze wijst naar Jezus, die zich net heeft omgedraaid om met Zijn neven te spreken en hen opdraagt ​​aalmoezen te geven aan de armen die met smekende verzoeken naderen. En ze raakt haar Zoon, de Moeder, lichtjes aan en zegt: "Mijn zoon, deze herdertjes zoeken Jou en hebben mij herkend. Ik weet niet hoe..." " Isaak is hier vast langsgekomen en heeft de geur van de openbaring achtergelaten. Jongeman, kom hier!" De herdersjongen, een donkerharige jongen van een jaar of twaalf of veertien, robuust maar tenger, met levendige, gitzwarte ogen, golvend haar met een pluk ebbenhouten, gehuld in zijn s...

naar Nazareth via Doco

Afbeelding
LXXXVII NAAR NAZARETH OVER DOCO ISAAK BLIJFT IN JUDEA 87.1 Maria Valtorta: '"En ik zeg Je, Meester, eenvoudige mensen zijn beter. Degenen die ik aansprak, hadden spot of onverschilligheid. Oh! de kleintjes van Juttah !" Isaak spreekt tot Jezus. Ze zitten allemaal in een groepje, op het gras aan de rand van de rivier. Isaak lijkt een verslag te geven van zijn inspanningen. Judas komt tussenbeide en, in een enkele keer, noemt hij de herder bij zijn naam: "Isaak, ik denk net als jij. We verspillen tijd en vertrouwen door contact met hen. Ik geef het op." "Ik niet. Maar ik heb er last van. Ik geef het alleen op als Meester het zegt. Ik ben eraan gewend jarenlang te lijden door mijn trouw aan de waarheid. Ik kon niet liegen om mezelf in de gunst te brengen bij de machtigen. En weet je hoe vaak ze mij kwamen uitlachen, in mijn ziekenkamer, mij hulp belovend – oh! zeker met valse beloftes!  als ik maar had gezegd dat ik had gelogen en dat Jij, Jezus, niet de pasg...

negen (van twaalf) herders worden leerlingen

Afbeelding
-Twaalf stammen in de woestijn, rondom het Tabernakel- 75.4 Maria Valtorta: '"En de anderen?" "Jullie waren met twaalf : Elia, Levi, Samuël, Jona, Isaak, Tobit, Jonathan, Daniël, Simeon, Johannes, Jozef, Benjamin. Mijn moeder vertelde Me altijd jullie namen, als van Mijn eerste vrienden." "Oh!" De herders raken steeds meer ontroerd. "Waar zijn de anderen?" "De oude Samuël is al twintig jaar dood. Jozef vermoord, omdat hij aan de deur van de gesloten deur had gevochten, waardoor zijn bruid, die pas een paar uur moeder was, de tijd kreeg om te ontsnappen met haar zoon, die ik heb opgevangen uit de liefde van mijn vriend en om... en om nog steeds kinderen rondom te hebben. Ook Levi heb ik meegenomen... Hij werd vervolgd. Benjamin is samen met Daniël herder in Libanon. Simeon, Johannes en Tobias, die zichzelf nu Matthias noemt, ter nagedachtenis aan zijn vader, die ook werd vermoord, zijn discipelen van Johannes. Jona zit in de vlakte van Es...

eieren, brood, vis... maar Judas moppert

Afbeelding
118.3 Maria Valtorta: 'Er verstrijkt enige tijd, en dan komen tegelijkertijd Isaak binnen, met een paar eieren en een mand vol geurige broden, en Andreas met een paar vissen in een fuik. "Hier!" zegt Isaak. "Dat stuurt de rentmeester jullie! En hij vraagt of er nog iets nodig is. In opdracht." "Zie je wel dat niemand van honger zal sterven?" vraagt ​​Thomas aan Iskariot. En dan zegt hij: "Geef mij de vis, Andreas. Wat mooi! Maar hoe bereid je die? Ik weet niet hoe ik dat hier moet doen..." "Ik regel het wel!" zegt Andreas, "ik ben een visser!" en hij loopt naar een hoekje om de nog levende vis te doden en er de ingewanden uit te verwijderen. "De Meester komt eraan! Hij maakte een rondrit door het dorp en de velden. Je zult zien dat er binnenkort mensen komen: Hij heeft al een ooglijder genezen! En overigens had ik al door deze landschappen gereisd en wisten ze..." "Eh! Ja hoor! Ik, ik!... Al de herders... Wi...

relaas van de voorbije maanden

Afbeelding
- Nazareth Village Museum (Madain Project) - 89.7 Maria Valtorta: 'Als Hij terugkomt in een nieuw gewaad, wordt het gesprek lieflijk hervat. "Ik ben met discipelen en vrienden gekomen. Maar Ik liet ze achter in het bos van Melca. Zij komen morgen bij zonsopgang. Ik... Ik kon niet langer wachten. O Mijn Mama!..." en Hij kust haar handen. "Maria van Alfeüs trok zich terug om ons met rust te laten. Ook zij begreep Mijn dorst naar jou. Morgen... morgen ben jij een van Mijn vrienden en Ik een van de Nazareners. Maar vanavond ben jij Mijn vriendin en Ik de jouwe.  Ik heb meegenomen voor jou... Oh! Mam, ik heb de herders van Bethlehem gevonden! En ik heb er twee voor je meegenomen: het zijn wezen en jij bent Moeder. Van iedereen! En meer nog van weeskinderen! En ik heb ook iemand voor je meegenomen die jou nodig heeft om zichzelf te overwinnen. En nog iemand, die een rechtschapene is en die veel geleden/geweend heeft. En dan Johannes... En Ik breng je de herinnering aan...

volk stroomt toe, allerlei vertelsels

Afbeelding
CXIX TOESPRAKEN VAN AQUA SPECIOSA:  IK BEN DE HEER, UW GOD -JEZUS DOOPT ZOALS JOHANNES- 119.1 Maria Valtorta: 'Het aantal mensen van gisteren is minstens verdubbeld. Er zijn ook minder volkse mensen bij. Sommigen kwamen op ezels, en nuttigen hun maaltijd onder het afdak, hun ezels vastgebonden aan de palen, in afwachting van de Meester. Het is een koude, maar heldere dag. De mensen kletsen wat met elkaar en de meer erudieten leggen uit wie de Meester is en waarom Hij vanaf die plek spreekt. Iemand zegt: "Maar is Hij ouder dan Johannes?" "Nee. Het is anders. Die - ik was van Johannes - is de Voorloper, en de stem van Gerechtigheid. Deze is de Messias, en Hij is de stem van Wijsheid en Genade." "Hoe weet jij dat?" vragen velen. "Drie trouwe discipelen van Jezus Christus vertelden mij dit. Als je eens wist wat voor dingen! Zij zagen Hem geboren worden! Denk er eens over na, het is geboren uit het licht ! Het licht was zo sterk dat zij, de herders , u...

Isaaks huisje is mooie gebedsruimte geworden

Afbeelding
- Karmni Grima Museum (Ta' Pinu, Malta) - 212.4 Maria Valtorta: 'Jezus komt Juttah binnen en wordt naar de markt geleid, en vandaar naar het eenvoudige huisje waar Isaak dertig jaar lang wegkwijnde. Ze leggen Hem uit: "Hier komen wij samen om over U te praten en te bidden zoals in een synagoge, de meest ware synagoge. Want hier hebben we U leren kennen, en hier hebben de gebeden van een heilige U tot ons geroepen. Kom binnen. Zie hoe we de zaken hebben geregeld!" Het huisje, dat het jaar daarvoor nog uit drie kleine kamers bestond – de eerste waar de zieke Isaak bedelde, de tweede een voorraadkamer en de derde een kleine keuken die uitkwam op de binnenplaats – is één grote ruimte geworden, met banken voor allen die daar samenkomen.  Op de binnenplaats, in een klein schuurtje, zijn Isaaks weinige bezittingen als even zovele relikwieën neergezet. En het respect van het volk van Juttah heeft de plek minder verlaten gemaakt, door klimplanten te planten die nu met hun b...

inwijding van de twaalf 2

Afbeelding
164.2 Maria Valtorta: 'Jezus verlaat het dorp, waarvan de weinige, zeer arme inwoners onverschillig blijven, aan wie Jezus aalmoezen laat geven, en bereikt zo de hoofdweg. Hij blijft staan. "En laten we nu opsplitsen," zegt Hij. "Moeder, ga jij met Maria en Salome naar Nazareth. Susanna kan naar Kana terugkeren. Ik kom spoedig weer terug. Je weet wat te doen valt. God zij met jullie!" Maar voor Zijn Moeder heeft Hij een speciale groet, vol glimlachjes. En zelfs wanneer Maria neerknielt en het voorbeeld geeft aan de anderen om gezegend te worden,  glimlacht Jezus, met grote tederheid. De vrouwen, met wie ook  Alfeüs van Sara en Simon zijn, gaan terug naar hun stad. Jezus wendt zich tot wie is overgebleven: "Ik verlaat jullie. Maar stuur jullie niet weg. Ik laat jullie voor een tijdje achter, en trek Me met hen terug, in die kloven die jullie daar zien. Wie op Mij wil wachten, kan op Mij wachten in deze vlakte; wie niet wil, mag terugkeren naar huis. Ik tre...

korte halte bij Thomas' familie in Rama

Afbeelding
CCCLXIII IN RAMA IN HET HUIS VAN DE ZUS VAN  THOMAS -Rama (vandaag Ramot), vanaf het graf van Samuël- 363.1 Maria Valtorta: 'Thomas, die achteraan in de groep liep en met Manaën en Bartholomeüs sprak, scheidt zich af van zijn metgezellen en voegt zich bij de Meester, die vooraan loopt met Margziam en Isaak. "Meester, we naderen Rama. Wil Je alsjeblief het kind van mijn zus komen zegenen? Zij verlangt er zo naar Jou te zien! We zouden daar halt kunnen houden. Er is plaats voor iedereen. Doe me dat genoegen, Heer!" "Zal Ik doen. En met vreugde! Dan zullen we morgen uitgerust Jeruzalem binnenkomen." "O! Dan zal ik het ze zelf gaan vertellen! Laat Je me gaan?" "Ga maar. Maar herinner eraan dat ik geen wereldse vriend ben. Dwing je mensen niet om veel geld uit te geven. Behandel me als een 'Meester'. Begrepen?" "Ja, mijn Heer. Ik zal het de familie vertellen. Kom je mee, Margziam?" "Als Jezus het wil..." "Ga, ga, z...

avondmaal aan zee, in simpele vissershutjes

Afbeelding
250.3 Maria Valtorta: 'En vermengd, apostelen en discipelen —en het spreekt vanzelf hoe blij velen van hen waren, vooral die die Jezus al goed kennen— keren ze terug naar de stad, over de rand ervan heen, tot ze het verste punt van de baai bereiken, die als een gebogen arm de zee in steekt. Daar staan een paar hutten, verspreid langs de korte, kiezelachtige kust, die het meest ellendige stuk van de stad vertegenwoordigen, het meest ontvolkte en dunbevolkte gedeelte. Hier enkele kleine huisjes — kubussen van muren die afbrokkelden door zout en ouderdom—allemaal gesloten, en wanneer de discipelen ze openen, tonen ze hun rokerige ellende, hun inrichting gereduceerd tot het absolute minimum. "Kijk eens! Ze zijn heel comfortabel en schoon, al zijn ze niet mooi," zegt Isaak, die de honeurs waarneemt. "Niet mooi nee, arme zielen. Aqua Speciosa was er een paleis bij. En dan waren er nog die klaagden!..." moppert Petrus. "Maar voor ons zijn ze een zegen!" ...

Jezus wil mee rouwen, leerlingen beschermend

Afbeelding
-rouwgebruiken Midden-Oosten- 105.2 Maria Valtorta: ' Isaak , beladen met kruiken, komt terug van de bron. Hij ziet Jezus, zet de kruiken neer en roept uit: "Oh! mijn Heer!", rennend om Hem te ontmoeten. "Uw moeder is net weer terug naar huis gegaan. Ze was bij haar schoonzus. Maar... hebt U de brief ontvangen?" vraagt ​​hij. "Daarom ben Ik hier. Vertel Mama nog niets. Eerst ga Ik naar het huis van Alfeüs." Isaak, voorzichtig, zegt niets anders dan: "Ik zal u gehoorzamen!" en hij pakt zijn amforen en gaat naar huis. "Nu gaan we! Jullie, vrienden, zullen hier op ons wachten. Ik blijf er niet lang." "Nee, echt niet! Wij zullen het rouwhuis niet binnengaan, maar we blijven wel buiten staan, nietwaar?" zegt Petrus. "Peter heeft gelijk. Wij blijven op straat, maar dicht bij Jou!" Jezus geeft toe aan de wil van iedereen. Maar Hij glimlacht en zegt: "Ze zullen Mij niets doen." Geloven jullie me. Ze zijn niet s...

oud en onvruchtbaar

Afbeelding
-Hanna vraagt God om een zoon- 2.4 Anna zegt: "Ah! als wij een baby hadden gekregen zou ik hem zo gewild hebben, met zulke ogen en zulk haar!" Maria Valtorta: 'Anna heeft zich voorovergebogen, eigenlijk geknield, en kust de twee blauwgrijze ogen met een zucht. Joachim zucht ook, maar hij wil haar troosten. Hij legt zijn hand op haar grijze kroeshaar en vertelt - Joachim: "We moeten blijven hopen. God kan alles doen. Zolang je leeft, kan het wonder gebeuren. Vooral als je van Hem houdt, en van elkaar!" -Hanna staat Samuël af aan hogepriester Eli (John Flaxman)- (Frank W.W. Topham) Maria Valtorta: Joachim legt zwaar de nadruk op de laatste woorden. Maar Anna zwijgt, neerslachtig, en houdt het hoofd gebogen, om niet te laten zien dat er twee tranen vallen, die alleen de kleine Alfeüs ziet die, verbaasd en bedroefd omdat zijn grote vriendin huilt zoals hij soms doet, zijn handje opsteekt en die tranen wegveegt. Joachim: "Niet huilen, Anna! Wij zijn net zo goed ...