stinkend hol heilige grond 1
73.10
Maria Valtorta:
'De nacht is gevallen.
De maan kleedt alles in witheid.
Nachtegalen zingen tussen de olijfbomen.
Een stroom is een klinkend zilveren lint.
Uit de gemaaide weilanden komt de geur van hooi: warm, vleselijk zou ik zeggen.
Een beetje geloei. Een beetje geblaat. En sterren, sterren, sterren...
een zaaisel van sterren op de sluier van de hemel,
een baldakijn van levende edelstenen, verspreid over de heuvels van Bethlehem.
"Maar hier!... Dit zijn ruïnes!
Waar breng Jij ons heen? De stad ligt daar verder!"
"Ik weet het. Komen jullie!
Volg de stroom, achter Mij! Nog een paar stappen, en dan...
dan zal Ik jullie de accommodatie van de Koning van Israël aanbieden."
Judas haalt zijn schouders op en zwijgt.
Nog een paar stappen.
Dan, kijk, een massa van ingestorte huizen.
Overblijfselen van huizen...
Een grot, tussen twee scheuren in de muur.
Jezus zegt: "Heb jij de tinder? Ontsteek hem maar!"
Simon steekt een lantaarn aan die hij uit zijn tas heeft gehaald, en geeft die aan Jezus.
"Kom binnen!" zegt de Meester, terwijl Hij het licht omhoog houdt.
"Kom binnen! Dit is de de geboortekamer van de Koning van Israël!"
"Jij maakt een grapje, Meester! Dit is een stinkend hol.
Ah! Ik heb hier niet echt zin in! Ik haat het: vochtig, koud, stinkend,
vol schorpioenen, slangen misschien..."
"En toch, vrienden... hier werd, in de nacht van de 25e Encenie/Chanoeka, Jezus Christus, Emmanuël, het Woord van God, vleesgeworden uit liefde voor de mens, geboren uit de Maagd, Ik, die tot jullie spreek! Zelfs toen, net als nu, was de wereld doof voor de stemmen van de hemel die tot de harten spraken... en werd de Moeder verworpen... en hier...
Nee Judas! Wend je blik niet vol walging af, van die fladderende vleermuizen, van die hagedissen, van die spinnenwebben, til niet vol walg je prachtige geborduurde gewaad op, opdat het niet over de grond wrijft, bedekt met dierlijke uitwerpselen.
Deze vleermuisjes zijn de dochters van de dochters van die, die de eerste mobieltjes waren die onder de ogen van het Kind werden bewogen, voor wie de engelen het 'Gloria' zongen, dat gehoord werd door de herders, bedwelmd door niets anders dan door extatische vreugde, ware vreugde!
Die hagedissen, met hun smaragd, waren de eerste kleuren die Mijn pupil troffen, de eerste, na de witheid van het jurkje, en het moederlijke gezicht.
Die spinnenwebben, de luifels van mijn Koninklijke Wieg! Deze grond... oh! je kunt er zonder minachting op trappen... hij is bedekt met uitwerpselen... maar hij werd geheiligd door de Voet van Haar, de Heilige, de grote Heilige, de Zuivere, de Onschendbare, de Puerpera Deipara...
Zij die bevallen is omdat ze moest bevallen, moest bevallen omdat God - en niet 'de mens' - het haar zei en haar met Zichzelf heeft geïmpregneerd. Zij, de Vlekkeloze, heeft hierop gelopen, haar voeten hierin gedrukt. Je kunt erop stappen! En God geve dat de zuiverheid die het verspreidt via je voetzolen naar jullie hart stijgt!..."
Reacties
Een reactie posten